Cronyck De Geyn
http://www.museumwarsenhoeck.nl/cronyck-de-gein.html

Jack of all Trades | © 1978-2011 Historische Kring Nieuwegein | Museum Warsenhoeck
 
Home  -  Contact  -  Imprint
 

Cronyck de Geyn januari 2012

 In de Cronyck van januari 2012 (jaargang 34, nummer 1) zijn o.a. de volgende bijdragen opgenomen:

 

 

 

 

 

 

 

Nogmaals: Een grasgroen lammetje met zes poten

In de Cronyck van oktober 2012 heeft u kunnen lezen over een grasgroen lammetje met zes poten. De redactie heeft hierop een reactie ontvangen van ons lid mevrouw Baardemans - Visser, en die reactie willen wij u niet onthouden. Zij doet hierin uit de doeken hoe dit verhaal indertijd in Dagblad Het Centrum is terechtgekomen. 

Het zusterhuis Nazareth in Gein (1423 – 1573)

Inleiding:

Het huidige voetpad aan de oostzijde van de Doorslag, ten zuiden van de Geinbrug, wordt vervangen door een fiets-/voetpad. Deze mededeling stond in september in De Molenkruier. Op de gemeentelijke website is donderdag 27 oktober 2011 bovendien het volgende nieuwsbericht verschenen: “Vanwege het aanleggen van een nieuw fiets-/voetpad in Park Oudegein is het nood-zakelijk om de oude af te sluiten voor al het verkeer. De werkzaamheden vinden plaats vanaf 31 oktober tot eind december.” Dit pad ligt in het gebied waar eeuwen terug de stad Gein lag en op de ruïnes waarvan in 1423 een nonnenklooster werd gesticht. De geschiedenis van het klooster is nauwkeurig opgetekend door de in 1565 benoemde rector Jan Aerts Buysling1. Het is de enige bekende bron uit de zestiende eeuw die mel-ding maakt van de wetenswaardigheden van het klooster. In de negentiende eeuw maken meerdere onderzoekers van de Kroniek van Buysling gebruik en ook voor dit artikel is de tekst ervan geraadpleegd.

Koe aan de haal

Inleiding:

Het plaatselijke nieuws in vroeger jaren bevatte wetenswaardigheden van velerlei aard, die tegenwoordig niet meer kunnen voorkomen. Nu immers is bijvoorbeeld het slachten van vee aan zeer strenge regels gebonden en het gebeurt in daarvoor speciaal ingerichte, vaak grote, slachthuizen of fabrieken. In de jaren na de Tweede Wereldoorlog hadden, vooral in de dorpen, slagers achter hun winkel nog een eigen slachthuis. In Nieuwegein zijn daarvan nog voorbeelden te zien: In Vreeswijk is aan de Henri Dunantlaan, achter de slagerswinkel van Koekman, nog het pand te zien van het vroegere slachthuis. Koekman maakt er nu alleen nog zijn worst! In Jutphaas staan er nog de voormalige slachthuizen van de vroegere slagers Epping en Blommestein achter het pand aan de Herenstraat 42 (Restaurant La Barca), respectievelijk Nedereindseweg 7 (Domino’s Pizza). In het boek “Vreeswijk in het nieuws” van Jan Schut, vond ik het volgende bericht. De in het krantenartikel beschreven gebeurtenis speelde zich af bij slager Smit, deze had op Handelskade 87 zijn winkel en op nr. 86 zijn slachthuis.

Zoals het was: uit het openbaar vervoer

Op deze foto een Ford-autobus. Het waren de eerste autobussen van de Tram- en Bargedienst Vereeniging, die eerst nog als trekkers vóór de tramwagentjes reden.

 

 

 

 

Wachtpaviljoen eind Handelskade (met rijtuig 1) nabij de Lagebrug. Voor het paviljoen beheerder Piet Smit.

 

 

 

Voor u gelezen in…..

Vreeswijk in het nieuws 1920 – 1944”

Inleiding:

Uit de door Jan Schut samengestelde bundel van persberichten lichtten we deze keer een ‘vervolgverhaal’ over spionageactiviteiten die de Duitsers in Vreeswijk hebben ontwik-keld. De berichten komen uit de “Utrechtsche Courant” en werden gepubliceerd op 1 april, 3 april en 8 mei 1935.

Nieuwsgierig naar de volledige teksten van bovenstaande bijdragen?

Wordt lid (zie daarvoor de pagina 'Lid worden' op deze website) en u ontvangt elk kwartaal het blad Cronyck de Geyn.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Cronyck de Geyn oktober 2011

In de Cronyck van oktober 2011 (jaargang 33, nummer 4) zijn o.a. de volgende bijdragen opgenomen:

 

 

 

 

 

 

 

DE DAG DAT NAPOLEON LANGS KWAM

Deze maand is het twee eeuwen geleden dat de Franse keizer Napoleon zich per koets liet vervoeren van Vreeswijk naar Utrecht. Om precies te zijn: op 6 oktober 1811!
Er zijn geen bijzondere evenementen gepland om deze reis van Napoleon te gedenken, maar de redactie van Cronyck de Geyn wilde dit 'jubileum' niet helemaal ongemerkt voorbij laten gaan.

Daarom kijkt Piet Daalhuizen in het artikel terug op die reis. Hierna volgt een zeer verkorte versie van zijn bijdrage.

De inleiding van het artikel is als volgt:

Twee eeuwen geleden, in de herfst van 1811, maakte de Franse keizer Napoleon een reis door het sinds 1810 bij Frankrijk ingelijfde Holland. Op zondag 6 oktober 1811, begon zijn driedaags bezoek aan de stad Utrecht. De reis naar Utrecht voerde via Vreeswijk en Jutphaas. Naast de huisvesting van de militairen in de stad, werden ruim 3000 soldaten met hun volledige uitrusting ingekwartierd in plaatsen rond Utrecht. De tocht verliep allerminst probleemloos!

Daarna schetst Daalhuizen de verhouding tussen Napoleon en de Nederlanden. Zoals bekend stonden de Nederlanden al sedert 1795 sterk onder invloed van de Fransen. In 1799 greep Napoleon in Frankrijk de macht en eigende zich de titel 'Eerste Consul' toe. In die functie bezocht hij in 1803 Maastricht en het Zeeuwse eiland Walcheren. Nadat hij in 1804 door de Franse senaat tot keizer werd benoemd kroonde hij zichzelf op 2 december 1804 in de Parijse Notre Dame tot keizer der Fransen. In 1805 stichtte hij het Koninkrijk Holland en benoemde zijn broer Lodewijk Napoleon tot koning. Eind april - begin mei 1810 bezocht de keizer ondermeer Noord Brabant en Zeeland.

Zijn grootste reis door de Nederlanden maakte Napoleon in 1811. Op 18 september 1811 reist hij vanuit Frankrijk via ondermeer Oostende en Cadzand, naar Antwerpen. Vandaar vertrekt hij op 4 oktober 1811 naar Hellevoetsluis. In de nacht van 4 op 5 oktober voert de tocht van Hellevoetsluis naar Dordrecht en Gorinchem, waarna hij met zijn gevolg op 6 oktober per koets via Leerdam naar Vianen reist. Daar steekt het gezelschap de Lek over en reist via Vreeswijk en Jutphaas naar Utrecht. In de Domstad blijft hij drie dagen en maakt uitstapjes naar Zeist Amersfoort. Daarna gaat Napoleon naar Amsterdam en verblijft daar een aantal weken. Napoleon is erg reislustig want hij bezoekt Noord- en Zuid- Holland. Een beperkte opsomming: Texel, Den Helder, Zaandam, Haarlem, Leiden, Den Haag, Delft, Rotterdam en omliggende plaatsen. Dan gaat de reis oostwaarts en via ondermeer Apeldoorn, Zwolle, Arnhem. Nijmegen en Grave arriveert men in Wesel. Vandaar vertrekt het gezelschap op 27 oktober 1811 weer richting Frankrijk.

Nadat Daalhuizen beschrijft dat de komst van Napoleon naar Utrecht heel wat voorbereidingen heeft gekost geeft hij een beschrijving van de ontvangst in Vreeswijk op 6 oktober 1811 en het verdere verloop van de reis via Jutphaas richting Utrecht. Daar wordt Huis de Geer door maarschalk Nicolas Charles Oudinot, hertog van Reggio, met toestemming van jonkheer Barthold de Geer van Jutphaas, als een soort hoofdkwartier in gebruik genomen. Jan Lodewijk Willem Baron de Geer van Jutphaas schrijft daarover: 'Het huis was vol van officieren en omringd van ordonnances. Het was genant maar alles zeer ordentelijk en gereed. Een husaar, die zonder verlof eenige druiven had geplukt, werd onmiddellijk daarvoor gestraft.

Verder haalt Daalhuizen opnieuw de notities van Baron de Geer aan waarin deze beschrijft hoe de keizerlijke stoet (minstens tienduizend man 'groot') er uitziet.

Bovendien bevat dit verhaal nog een beschrijving van de feestelijkheden te Utrecht en van de door Napoleon bevolen aanleg van 'Routes Impériales'. Onderdeel daarvan was de weg tussen Vreeswijk en Utrecht. Dat betekende, dat er klinkerbestrating moest komen omdat een keizerlijke weg geen modderweg mocht zijn.

Bovendien zijn twee kaarten opgenomen: de Historische kaart van de Route Impériale nr. 2 en de tegenwoordige kaart met daarop aangegeven de Route Impériale nr. 2; beiden zijn bewerkt door Ben Huiskamp en door hem voorzien van een zeer duidelijke toelichting.

Zoals gebruikelijk wordt het artikel besloten met een vermelding van de gebruikte literatuur.

Al eerder verscheen in de jaren zeventig van de vorige eeuw over de reis van Napoleon een artikel in het toenmalige Dagblad Het Centrum en in april 1980 schonk Cronyck de Geyn aandacht aan deze gebeurtenis.

Jutphaas…….. zoals het was, en Vreeswijk…….. het was

In Nieuwegein zijn en waren veel gebouwen met aansprekende gevelstenen. Op kunstwerken zijn eveneens teksten te vinden. Voor deze rubriek heeft Joop Terpstra ditmaal gekozen voor 'Teksten in steen'. Hij gaat terug naar het jaar 1648 toen de Nederlanden hun onafhankelijkheid konden vieren en, wat meer richting huidige tijd , naar hofstede 'De Nieuwe Wiers', het monument voor de oorlogsslachtoffers dat staat aan de Nedereindseweg en de 'School met den Bijbel' in Vreeswijk.

Voor u gelezen in …… De Molenkruier van Mei 1961

De inleiding bij dit artikel is als volgt:

In mei van dit jaar vierde 'De Molenkruier' het vijftigjarig bestaan. Het nieuwsblad is, de naam zegt het eigenlijk al, oorspronkelijk opgericht voor het dorp Jutphaas. Inmiddels wordt 'De Molenkruier' wekelijks in geheel Nieuwegein verspreid.

Hoofdredacteur Govert van Rooijen schreef in de eerste uitgave van zijn blad onder de titel 'Molenkruier-babbeltje' over uitwassen bij ontgroeningsrituelen van de Utrechtse adellijke studentenvereniging Tres. De gebeurtenissen vonden plaats in boerderij ''t Misverstandt' aan de Galecopperdijk.

Nieuwsgierig naar de volledige teksten van bovenstaande bijdragen?

Wordt lid (zie daarvoor de pagina 'Lid worden' op deze website) en u ontvangt elk kwartaal het blad Cronyck de Geyn.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Cronyck de Geyn juli 2011

Van de volgende bijdragen in deze uitgave vindt u hierna sterk verkorte weergaven.

 

 

 

 

 

 

In Memoriam Han ter Maat

Zaterdag 21 mei j.l. overleed op 94 jarige leeftijd.  ons erelid Han ter Maat. Ter Maat was in september 1978 een van de oprichters van de Historische Kring Nieuwegein. Vanaf de oprichting tot aan zijn terugtreden uit het bestuur in 1996 was hij vicevoorzitter. Hij heeft zich op veel manieren ingespannen om de doelstellingen van de vereniging te realiseren. Naast zijn activiteiten in de werkgroep Publicaties, ondermeer bij het schrijven van artikelen voor de Cronyck de Geyn, is hij lange tijd eindredacteur van de Cronyck geweest. Ook was hij mede-auteur van verschillende boeken die de Kring heeft uitgegeven en schreef hij het script voor een tweetal films over Jutphaas en Vreeswijk. Maar bovenal is hij toch de man van de immense foto- en diacollectie van de Kring.

Jutphaas…….. zoals het was, en Vreeswijk…….. zoals het was

Voor deze fotorubriek heeft Joop Terpstra nu gekozen voor het  onderwerp 'tollen'.
Hij schrijft hierover ondermeer het volgende:
'Hoewel vanaf de dertiende tot en met de negentiende eeuw in onze regio meerdere tollen waren gevestigd, bijvoorbeeld in 't gein, in Galecop en nabij de Doorslag, heb ik voor de twee meest bekende gekozen, namelijk die van Vreeswijk en Jutphaas. Beide tollen hebben tot in februari 1947 dienst gedaan.'

Hij heeft een tweetal afbeeldingen geselecteerd van de tol te Jutphaas. Deze was gelegen ter hoogte van het pand Herenstraat 1. De ene afbeelding (een ansicht) geeft de situatie weer zoals deze in 1920 was, de andere is genomen op 2 mei 1934. Die dag werd de verbouwde en grotendeels vernieuwde Persilfabriek in Jutphaas feestelijk geopend. Op die dag werd tussen 9.30 en 13.00 uur géén tol geheven.

De tol van Vreeswijk was indertijd gelegen ter hoogte van de huidige Gravin Adalaan, en heeft hier zijn 'werk' gedaan vanaf 1887. Vóór die tijd was de tol gelegen aan de Vreeswijkse Dorpsstraat.

Bouwen in Nieuwegein in 1980

Zwaluw en Putter als opmerkelijk voorbeeld.

In oktober van vorig jaar kreeg de Historische Kring van een van de bewoners van de Zwaluw een aantal tekeningen en documenten over de bouw van de 'Verhoeven-woningen' (Zwaluw en Putter) aangeboden. Hierbij bleek ook een aantal artikelen te zijn over de ontwikkeling van Nieuwegein, de bouw van de wijk Doorslag en de persoon van architect Jan Verhoeven. Met deze informatie is Jozef Reintjes aan de slag gegaan.

De ontvangen documentatie bevatte ondermeer een artikel uit het weekblad Vrij Nederland van 27 augustus 1988 van de hand van de onderzoeksjournaliste Carla Tromp: 'Van vlekkenplan tot Nieuwegein'. Zij schetst hier hoe vanuit de twee kleine kernen Vreeswijk en Jutphaas, Nieuwegein is ontstaan.

Ook noemt Reintjes de stedenbouwkundige Ir. Kuiper. Hij was het die eind 1960 de doorgaande route, de S15, over de nog lege kaart van de polder trok. Ook bepaalde hij waar de woonwijken moesten komen, waar de industrie en waar het stadscentrum.

Verder schrijft Reintjes over de veranderende architectuur en 'verdwaalwijken', ook wel de 'Nieuwe Truttigheid' genoemd.

Verder wordt een beeld geschetst van de architect Jan Verhoeven (1926-1994). Het structuralisme sprak hem erg aan. Over zijn visie op bouwen zegt hij in een interview ondermeer het volgende: 'Bouwen is van A tot Z een menselijk proces, het heeft een keiharde werking op mensen. Ordening is bij mij eerste vereiste. Ordening is: relatie leggen, ook relaties tussen mensen'. En verder in dat interview: 'Bij mij vind je altijd begrippen als individu en gemeenschap. Een ruimte waaromheen de vertrekken liggen, ieder zijn hol, de woonkamer, de straat het plein is de gemeenschapsruimte om met elkaar te zijn.'

De in Nieuwegein bekende woningen aan de Putter en Zwaluw en directe omgeving zijn van de hand van Jan Verhoeven.

Evacués in Jutphaas van oktober 1944 tot juni 1945, aflevering 2

Aflevering 2: Huissen.

In de vorige Cronyck (april 2011) heeft Piet Daalhuizen het verhaal verteld over evacués die vanuit Doornenburg naar Jutphaas waren gevlucht. De vluchtelingenstroom ontstond vooral na de mislukking van de operatie Market Garden, toen langs de Rijn zwaar werd gevochten waarbij de Duitsers taai verzet pleegden. In deze tweede aflevering gaat het vooral over vluchtelingen uit Huissen.

Ook ditmaal zijn de verslagen van Hans Hoen van de Historische Kring Huessen en van Piet Daalhuizen en Gerda Kuster van de Historische Kring Nieuwegein.

In september 1944 kwam de Huissense familie Bosman naar Jutphaas. Zij exploiteerden op de Markt in Huissen een café, bovendien had Theo Bosman een uitvaartonderneming. Het gezin telde vijf kinderen en kreeg onderdak op de boerderij van de Jutphase familie Bontje - Kelder.

Op 30 januari 1945 is in Jutphaas nog een kind geboren.

Op verzoek van Hans Hoen van de Historische Kring Huessen heeft de jongste telg van het gezin Bontje opgeschreven hoe als jongen van 13/14 jaar, het verblijf van deze evacués heeft ervaren.

Hij verhaalt daarbij over de komst van de evacués en het leven op de boerderij. Ook haalt hij de 'Hongerwinter' (1944) aan: 'De hele godganselijke dag werd er aan de bel getrokken door mensen uit de stad Utrecht of uit de dorpskern van Jutphaas die honger leden: "Juffrouw, hebbie een sneetjie broad" zei men dan op zijn plat Utrechts.'

De gezinsuitbreiding bij de familie Bosman op 30 januari 1945 en de terugkeer van het gezin naar Huissen komen ook aan bod.

Een ander gezin uit Huissen, de familie Witjes, werd ondergebracht bij boer Scholman, die enkele honderden meters ten noorden van de Jutphase Nicolaaskerk woonde. In februari 2011 heeft Hans Hoen gesproken met Lena Leenders - Witjes.

De familie Witjes woonde indertijd op het Kampstuk, toen zij in de nacht van 2 oktober 1944 als gevolg van ontzettend Duits granaatvuur, moesten vluchten. De vlucht voerde via Arnhem - Ede - Veenendaal - Leersum en Doorn naar Jutphaas. Die tocht staat haar nog heel helder voor de geest.

Ook over het verblijf bij de familie Scholman weet zij zeer beeldend te vertellen. De bevrijding heeft diepe indruk op haar gemaakt; een deelcitaat: 'Op 5 mei 's morgens, het was warm weer, gingen we de straat op en mensen riepen: we zijn bevrijd! We zijn toen een eindje wezen wandelen. Overal werden vlaggen uitgehangen. Een domper voor ons was toen ze van de ondergrondse een Duitser bij het fort hadden neergeschoten. Er werden toen door de Duitsers represailles uitgevoerd. Onder meer de zonen van de dominee en van bakker Luiten werden gefusilleerd.'

Op 15 juni 1945 is het gezin door een groenteboer uit Jutphaas op een platte boerenkar naar huis gebracht, maar niet nadat vader Witjes op een gecharterde fiets eerst in Huissen is wezen kijken en thuis het een en ander heeft opgeruimd en het huis provisorisch gerepareerd.

Nieuwsgierig naar de volledige teksten??

Nieuwsgierig geworden naar de volledige teksten van bovenstaande bijdragen????

Wordt lid (zie daarvoor de pagina 'Lid worden' op deze website) en u ontvangt elk kwartaal het blad Cronyck de Geyn.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Cronyck de Geyn april 2011

Van ondermeer de volgende bijdragen in deze uitgave (jaargang 33, nummer 2) vindt u hierna verkorte weergaven.

 

 

 

 

 

 

In Memoriam Wim Feirabend

Na een kortstondige ziekte overleed op 16 januari jl. Wim Feirabend, 84 jaar oud. Wim was een van de initiatiefnemers die in 1978 bij de oprichting van de Historische Kring Nieuwegein waren betrokken. Sinds 17 maart 2008 was hij erelid van de Historische Kring.

In zijn bijdrage blikt Piet Daalhuizen terug op de tijd met Wim:

Binnen de Historische Kring was Wim actief in diverse werkgroepen: hij werkte als amateur archeoloog, transcribeerde vanuit het oud-Nederlands schrift talloze documenten naar leesbaar hedendaags Nederlands. Daarnaast deed hij archiefonderzoek voor de uitgave van diverse boeken en Cronyck de Geyn. Ook organiseerde Wim vanaf 1978 vrijwel alle dagtrips en excursies (meer dan 100) voor de Historische Kring, zelfs aan de organisatie van de dagtrip naar zijn geboorteplaats Dordrecht op 16 april jl. heeft hij nog zeer actief meegewerkt. Ook 'bouwde' hij mee aan veel thema-foto-exposities in Museum Warsenhoeck, tevens was hij daar al jaren gastheer.

Deze zeer aimabele, bescheiden en humorvolle man was ook nog steeds 'verbindingsman' van een gestaag kleiner wordende, doch nog grote groep veteranen die na de Tweede Wereldoorlog waren uitgezonden naar het toenmalige Nederlands Indië.

De volledige tekst staat in de Cronyck van april 2011.

Jutphaas……. zoals het was en Vreeswijk…….. zoals het was

Als onderwerp voor deze fotorubriek heeft Joop Terpstra dit keer 'kroegen' gekozen. Hij schrijft hierover het volgende:

'Omdat deze horecagelegenheden in vroeger jaren een belangrijker rol in de samenleving vervulden dan thans, was het kiezen van afbeeldingen niet moeilijk. Een klein dorp als Jutphaas telde meer dan 13 kroegen. Eigenlijk had elke bevolkingsgroep een 'eigen' accommodatie: de boeren (De Zwaan), de handelsreizigers (Rijnzicht), enz.'

Hij heeft de volgende foto's opgezocht en voorzien van de nodige teksten:

▪ Het ambtenarencafé 'Melksalon Van Dorssen' aan de Herenstraat , direct gelegen aan de noordzijde van het toenmalige gemeentehuis van Jutphaas.

▪ Bierhuis 'De Onderneming' van F. Heyman aan de vroegere Dorpsstraat van Jutphaas (nu Herenstraat 69). Hier kwamen doortrekkende reizigers hun pakje brood nuttigen.

▪ Café 'De Dom ' aan de Vreeswijkse Dorpsstraat / hoek Waagstraat omstreeks 1910.

▪ Café 'De Hoop' in de Vreeswijkse dorpskern. Het pand dateert uit de 17e eeuw. Op de foto, die voor 2005 is genomen, staat het pand nog in volle glorie. Op de voorgevel na brandde het in 2005 af. Herbouw van het pand laat nog altijd op zich wachten.

 

 

Evacués in Jutphaas van oktober 1944 tot juni 1945, aflevering 1

Aflevering 1: Doornenburg, door Piet Daalhuizen

Vooral in het laatste oorlogsjaar moesten inwoners van steden en dorpen die in de frontlinie lagen, hun woonplaatsen ontvluchten. Vluchtelingen uit de streek ten oosten van Arnhem vonden ondermeer onderdak in Jutphaas en IJsselstein. Hans Hoen van de Historische Kring Huessen is getrouwd met een in Jutphaas geboren evacué. Hij sprak met betrokkenen en schreef een woordelijk verslag.

Deze aflevering schenkt aandacht aan het verhaal van mensen die toen vanuit Doornenburg naar Jutphaas vluchtten. Namens de Historische Kring Nieuwegein spraken Piet Daalhuizen en Gerda Kuster met mensen in Jutphaas, die destijds evacués hebben opgevangen

Hans Hoen sprak met de families Balk, Remie, Witjes en Bosman, die in Jutphaas waren ondergebracht bij een aantal 'gastfamilies', o.a. de families Van Kippersluis (Nedereindseweg 515; adres anno 2011), M. Doornekamp, Scholman (Utrechtsestraatweg 10) en J. Bontje. Hans Hoen sprak op 9 februari 2011 met Toos Jansen - Balk en Wim Balk en tekende hun verhaal op over de evacuatie uit Doornenburg, ook vertellen zij over hun tijd in Jutphaas.

In oktober 1944 ging het gezin eerst richting Angeren en vandaar weer terug naar Doornenburg en via de Roswaard naar Zevenaar, om via een lange zwerftocht uiteindelijk in de loop van november 1944 in Jutphaas terecht te komen. Daar kreeg de familie Balk onderdak bij Jo en Driek van Kippersluis. Pas in juni 1945 kon de familie weer terug naar Doornenburg. Daar moest eerst de woning weer bewoonbaar worden gemaakt.

De contacten met de familie Van Kippersluis zijn sedertdien blijven bestaan. Mevrouw Toos Jansen - Balk zegt daarover: 'Toen mijn man Harrie nog auto reed, zijn we regelmatig op bezoek gegaan in Jutphaas en ook onze kinderen gingen mee. We gingen naar de feestjes en later ook naar de begrafenissen. Vlak nadat Jo en Driek van Kippersluis 50 jaar getrouwd waren is Jo overleden. Met mijn broer Gert en zijn vrouw Nellie zijn we ook nog vaak naar Jutphaas geweest. Het laatst toen Driek (mevrouw Van Kippersluis) 85 jaar werd.'

In Jutphaas spraken Piet Daalhuizen en Gerda Kuster met mevrouw H.M. van Kippersluis - Smorenburg en hebben haar herinneringen aan die tijd opgeschreven.

De volledige tekstbijdrage staat in de Cronyck van april 2011.

Jaarvergadering

Op 14 maart 2011 is in De Bron de jaarvergadering van de vereniging gehouden. In zijn opening memoreerde aftredend voorzitter Fer Martens allereerst het overlijden van het erelid Wim Feirabend, hierna werd een minuut stilte gehouden.

Daarna blikte Fer Martens terug op twaalf jaar voorzitterschap.

Hierna volgde de Bestuursverkiezing: tot nieuwe voorzitter is benoemd Harry ten Hove. (In de Cronyck van januari jl. heeft hij zich al voorgesteld). Als Algemeen Beheerder, tevens bestuurslid, is Jan Rijdes benoemd. Volgens rooster was bestuurslid François Gathier (penningmeester) aftredend; hij stelde zich wel herkiesbaar en blijft deel uitmaken van het bestuur.

De volledige tekst staat in de Cronyck van april 2011.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++